TUIN-TIPS

>>Deze pagina is in bewerking<<
PLAAGDIEREN: omgaan met ongewenste beestjes

SLAKKEN
Houden van vocht en zullen zich dus in warme dagen schuilhouden op donkere en dus vochtige plaatsen. Dat kan tussen de bladeren van de groenteplanten zelf zijn, maar ook in de directe omgeving zoals onder potten en achter planken.

Houdt daarom het groen rondom de groenten kort en ruim zoveel mogelijk omliggende rommel op.
Bewerk in het voorjaar de grond, zodat eerder gelegde eitjes naar boven komen en kunnen uitdrogen.

Natuurlijke vijanden van slakken zijn: vogels, egels, kikkers en padden.

Scherpe oppervlakken – Slakken verplaatsen zich door te glijden op hun slijmlaag. Deze heeft dus vocht en het liefst een glad oppervlak nodig. Slakken houden minder van scherpere oppervlakken zoals: rivierzand, eierschalen, (gekneusde) schelpen of cacaodoppen.

Koperband – Een mogelijkheid is om, rond de potten of kweekbakken, koperband aan te brengen: dit is te koop bij tuinwinkels. De theorie is dat wanneer een slak hier overheen kruipt, het potentiaalverschil een stroompje opwekt in de slak, waardoor de slak schrikt en zich terugtrekt. Dit werkt weliswaar, maar niet goed bij grote slakken. Er zijn ook proefjes te vinden waarbij het tegendeel wordt aangetoond.
Wat zeker werkt is twee draden op een centimeter van elkaar rond de bak te spannen met zwakstroom erdoor: dit is wel een heel gedoe.

Slakkenkorrels – Deze zijn hydrografisch en onttrekken vocht uit de slak op het moment dat de slak van de korrels eet. Maar deze korrels kunnen door de regen oplossen en zijn dus alleen effectief bij droog weer of in een broeikas of broeibak. De meningen over de milieubelasting lopen uiteen maar de meeste merken bewerken ‘natuurlijk’ te zijn. Lees dus eerst goed de productbeschrijving.

Vallen (met bier en andere dranken) – Een effectieve methode om slakken te vangen is het ingraven van een kommetje met (goedkoop) bier of suikerwater. Slakken komen hierop af en verdrinken dan, want ze kunnen niet zwemmen. Er zijn speciale bekertjes met een ‘afdakje te koop’ waardoor de beker bij veel regen niet overstroomt.

Zelf verwijderen – Verre de beste maar ook de meest omslachtige methode is het om de slakken zelf weg te halen. Dat kan je het beste doen wanneer het ‘schemerig’ is, want rond die tijd komen slakken meestal tevoorschijn. Overdag kan je het beste zoeken op donkere en vochtige hoekjes waar slakken zich verschuilen, vaak ook aan de onderzijde van een blad.
Het heeft géén zin om slakken in een andere hoek van de tuin of er vlak buiten los te laten want een slak kan in één nacht makkelijk 15 meter afleggen; dat is afhankelijk van hoe vochtig en glad de ondergrond is. Bij een droge grond moet de slak het vocht dat hij onderaan zijn lijf verlies telkens weer aanvullen.

Moestuin, kruiden en bloemen – Slakken houden vooral van bladgroen en hebben een speciale voorkeur (zo lijkt het) voor sla, bonen palmkool en basilicum. Slakken zijn ook dol op de diverse soorten Hosta-planten.
Ze hebben wél een hekel aan: salie, tijm en knoflook. Andere planten rondom of in de moestuin die afwerend kunnen werken zijn: akelei, goudsbloem, anjer, geranium, viooltjes, varens, Oost-Indische kers en lavendel.